web[oor]log


De kapitein van Poentjak
december 15, 2006, 11:26
Filed under: Uruzgan december 2006

Ik ben terug in Tarin Kowt en ik herken de geluiden. Ze doen me denken aan Libanon, waar ik verslag deed van de oorlog tussen Israël en Hezbollah. Het zeurende gebrom van een onbemand verkenningsvliegtuigje, een drone, klinkt bijna de hele dag. Als een opdringerige mug die zich maar niet laat doodslaan.

In Tyrus, de zuidelijke Libanese havenstad, vormden de drones een zwerm met meerdere bromtonen die door elkaar heen klonken. Dag en nacht. Hing het vliegtuigje lang boven één plek, dan volgde na een half uur meestal het gebulder van straaljagers, gevolgd door het angstaanjagend diepe dreunen van zware bommen.

Appél in Kamp Holland

Eén keer zag ik een Israëlisch verkenningsvliegtuigje, een minuscuul zilveren stipje, heel hoog aan de wolkenloze hemel. Het werd me aangewezen door een jongen met tatoeages in zijn nek, gewijd aan imam Ali. Hij was sjiiet en liet een foto zien van zijn tijd bij de Amal-militie, in uniform, met M16-geweer. Lachend.

Vandaag zag ik wéér een drone. Dit keer was het geen stipje, maar een echt toestel, met vleugeltjes en wieltjes eronder. Het werd op afstand bestuurd door Amerikanen, en het vloog rond de Baloechi-pas, die je vanuit Kamp Holland kunt zien. Na een tijdje hoorde ik gegier. Een straaljager, die een stuk lager vloog dan de Israëlische piloten boven Libanon aandurfden. De jager vloog grote cirkels rond de pas. De vallei erachter is berucht om de aanwezigheid van Taliban. Hij wordt de Baloechi Vallei genoemd, maar volgens de kaarten hier op de basis heet hij de Dorafshan Vallei. Ondanks verschillende grote acties van Nederlandse en Amerikaanse commando’s zijn de Taliban er nog steeds sterk. Bij de laatste actie kwamen dertig Taliban om het leven. Over de betrokkenheid van Nederlandse commando’s daarbij werd thuis niets gemeld.

Nederlandse troepen hebben een patrouillepost dicht bij de ingang van de vallei ingericht op een kale heuvel. In de omgeving staan enkele grote ommuurde huizen op boerderijafstand van elkaar. De post heet Poentjak, ik schreef er al eerder over in m’n weblog. Vanavond werd die post aangevallen met 107mm raketten. Gisteravond ook. En twee weken geleden eveneens. Toen beschoten naar schatting 150 strijders Poentjak en de zes politieposten eromheen met mortieren en kleine wapens. Gisteravond vielen twee lichtgewonden onder de Nederlanders. Een van de raketten explodeerde middenin het kamp, bovenop een tent waarin normaal gesproken troepen zijn gelegerd. Dat had heel slecht kunnen aflopen. Toevallig was niemand in de tent, die werd doorzeefd met raketscherven en vlam vatte. De uitrusting van tien personen ging verloren.

Vanmiddag werd de eenheid afgelost, dus kon ik spreken met mensen die de aanval hadden meegemaakt. Een infanterist die wacht had in een van de pantserwagens, vertelde wat hij zag. “Ik hoorde een gierend geluid, en toen nog een keer, gevolgd door een inslag. Ik zag de explosie vanuit mijn pantserwagen. Iedereen rende alle kanten op. Binnen twee minuten propten negen man zich bij mij. Ik ben boordschutter en ik moest haast vechten om mijn mitrailleur te bereiken.”

Ik sprak ook met de kapitein van de eenheid. Het was de tweede keer dat hij op Poentjak onder vuur lag. De eerste keer was op 1 december, bij de grote aanval door 150 strijders. Die begon bij het vallen van de duisternis, om kwart voor tien ’s avonds. Het gevecht duurde twee uur lang. Er vielen mortiergranaten dicht bij het Nederlandse kamp. De Nederlanders plaatsten enkele voltreffers met de 25mm kanonnen van de pantserwagens. De kapitein vertelde dat hij doelwitten uiteen zag spatten. Waren dat mensen? Hij zei “doelwitten”. Het leek hem niet te passen, krijgshaftige taal. En het kwam er ook niet ‘kinetisch’ uit. Het was een zakelijke mededeling, om mij, de journalist, duidelijk te maken dat we met zekerheid konden stellen dat er vier vijandelijke strijders waren uitgeschakeld.

De kapitein vertelde dat zijn mannen per ongeluk op de politieposten onderaan de heuvel gevuurd hadden. Het was een chaos, zei hij. Op de politieposten zijn Afghaanse agenten, hulpagenten en militieleden gestationeerd. Ook zij werden aangevallen. Ze wilden elkaar te hulp komen en reden in auto’s zonder licht naar elkaar toe. Eén wagen reed richting Poentjak en werd bijna onder vuur genomen door de Nederlanders, die niet konden zien met wie ze van doen hadden. “We wisten niet waar het vijandelijke vuur vandaan kwam”, zei de kapitein. “Het leek wel of iedereen op iedereen schoot.”

Twee agenten raakten gewond. Ze werden kort opgenomen in het ziekenhuis hier op de basis, in Tarin Kowt. Eén bleek zichzelf in de voet geschoten te hebben, iets wat wel vaker gebeurt bij Afghanen. “Ze hebben heel sterke benen”, vertelde een Amerikaanse drill sergeant me vorig jaar toen ik in Kaboel het militaire trainingscentrum bezocht waar Amerikaanse instructeurs het Afghaanse nationale leger opleiden. “Maar hun armspieren zijn niet ontwikkeld. De wapens schieten soms weg uit hun handen, en dan raken ze zichzelf of een collega.” Vijf keer per dag liet hij zijn rekruten push ups doen. Van de andere gewonde kon volgens Defensie niet worden vastgesteld door wiens vuur hij was geraakt. Hij hoefde maar kort in het ziekenhuis te blijven en is weer terug op zijn post.

Kolonel Theo Vleugels, die de Taskforce Uruzgan leidt, vertelde me dat hij “niet wakker ligt” van de aanvallen. Hij had dit verwacht, want de vijand vindt de post nu eenmaal een bedreiging. De Nederlanders treden “effectief en terughoudend” op rond Poentjak. “Het winnen van de bevolking is essentieel voor het slagen van de missie”, zei hij. “Burgerslachtoffers zijn echter niet uit te sluiten. Als de post teveel risico loopt, zouden we artillerie of luchtsteun kunnen inzetten.”

Dit alles was géén nieuws in Nederland. We lijken het wel best te vinden met de missie. Hoe gevaarlijk is het daar nou helemaal? Na meer dan vierenhalve maand zijn er nog geen Nederlanders in het gevecht gesneuveld. Maar niet alle aanvallen dringen door tot ons in kerstsferen verkerende landje, en defensievoorlichting is daar niet rouwig om. Beseffen we eigenlijk wel hoeveel risico Nederlandse militairen nemen om een gebied te beveiligen waarbinnen het provinciale reconstructieteam zijn best doet de Afghanen te helpen?

De feiten: Hier ligt een basis onder vuur. Hier beschieten Nederlanders hun bondgenoten. Hier sluit de commandant van de taskforce burgerslachtoffers niet uit als het zo doorgaat rond Poentjak.

Dát is toch nieuws, of niet dan? Misschien ben ik teveel op reis en begrijp ik de Nederlandse journalistiek niet meer, maar als je het mij vraagt leunt die wat al te gemakzuchtig op de persberichten van Defensie en het weinig kritische persbureau ANP. De voorlichters hier liepen niet te koop met de aanvallen op de patrouillepost. En al helemaal niet met de vergissing die leidde tot het beschieten van de nota bene door ons zelf opgeleide politie. Ik kwam er achter toen ik sprak met de kapitein van Poentjak. Het werd door defensie niet ontkend toen wij ermee kwamen, maar als we als kuikens achter de militaire moederkloek zouden zijn blijven aanwaggelen, zouden we dit niet te weten zijn gekomen.

Het is nu winter, het jaargetijde waarin vijandelijke strijders door sneeuw en kou de bergen niet meer kunnen gebruiken als schuilplaats. Meestal wordt er dan minder gevochten in Afghanistan. Maar rond Poentjak blijft het onrustig. Blijkbaar hebben de Nederlanders de grens van het rustige gebied bereikt. Ze willen langzaam dieper doordringen in de provincie, en dat zal niet zonder slag of stoot gaan. Achter de bergen die de bases in Tarin Kowt en Deh Rawod omringen, heerst de Taliban. Er zal dus meer geweld komen. Journalisten horen daar bovenop te zitten, zeker als de kans bestaat dat er onschuldige slachtoffers vallen.

De kapitein van Poentjak maakte indruk op me. Toen ik hem sprak was hij net terug van de gevaarlijke voorpost. Hij was weinig spraakzaam. Gaf alleen de feiten, niet de geuren, de gedachten, de kick of het verdriet. Hij zag er een beetje uit als een robot. Afgetrainde, verweerde kop. Grote lichtblauwe ogen, dunnen lippen. Geen uitdrukking op zijn gezicht. Toen ik hem vroeg hoe zijn mannen reageerden toen ze voor de tweede keer onder vuur lagen, zei hij niet: ze deden het heel goed, ze waren fantastisch, met hen kun je een oorlog winnen. Hij zei: “ze deden wat ze konden en wat ze moesten doen. Nu zijn ze uitgeput. De schrik zit er wel in. Ik denk dat een paar wel wat psychische hulp kunnen gebruiken.”

Hij gaat terug naar Poentjak met zijn eenheid. Wanneer, dat mag hij niet zeggen. Hopelijk is hem en zijn mensen wat rust gegund. Vannacht slaapt de kapitein van Poentjak veilig in zijn gepantserde container op Kamp Holland. Hij ziet de lichtkogels niet die opnieuw omhoog gaan bij de Baloechi-pas. Er is weer een aanval. Dit keer vliegen de raketten over de patrouillepost heen.


7 reacties so far
Plaats een reactie

Dank voor je interessante posts op deze weblob.

Reactie door Klaas

[…] patrouillebasis ‘Poentjak’ lag opnieuw onder vuur (zie ook: de kapitein van Poentjak). De basis ligt vlakbij de Baloechi Pas, de toegang tot de Dorafshan Vallei. Uit hetzelfde […]

Pingback door web[oor]log

[…] Recente reacties Nick op Lange Frans en de contra-guerrillaroosmarijn op Slecht theedrinken: over het onderschatten van de TalibanStefan op Slecht theedrinken: over het onderschatten van de TalibanKingscoy op Slecht theedrinken: over het onderschatten van de Talibanweb[oor]log op De kapitein van Poentjak […]

Pingback door web[oor]log

Het is onmogelijk om een goed beeld te krijgen via defensie, hoe gevaarlijk het is en wat het doet met de militairen. Bedankt voor dit artikel en de indruk die het op mij,en waarschijnlijk andere “burgers” achterlaat.

Reactie door Diana

http://www.frenkvanderlinden.web-log.nl/

Reactie door Mandy

heeft u moeite met geld?
wil u net als vele anderen ook wat meer verdienen?
zoek dan niet verder, NuRijk
http://www.nurijk.nl
De Theorie!

Reactie door derek

[…] waar waren de journalisten?) Is Defensie werkelijk zo open als ze zegt? (Zij verzweeg al eens een schietincident waarbij Nederlandse troepen vuurden op Afghaanse […]

Pingback door Defensie is een kwakkelende leerling « web[oor]log




Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s



%d bloggers op de volgende wijze: