web[oor]log


Nieuwe engeltjes
december 14, 2006, 00:33
Filed under: Uruzgan december 2006

“Het was een hele operatie, de rotatie van de troepen”, verzucht de basiscommandant van Camp Hadrian in Deh Rawod. “We hebben zelfs een set nieuwe engeltjes moeten meenemen. De vorige ploeg had ze allemaal opgebruikt.”

Patrouille in de buurt van Camp Hadrian, Deh Rawod 

Het is een mooie winter in Deh Rawod. Wat betreft de weersomstandigheden en de omgeving hebben de militairen die hier gelegerd zijn het beter dan hun collega’s op de hoofdbasis in Tarin Kowt. Het kamp ligt meer naar het westen, achter een hoge bergrug die veel van het slechte weer tegenhoudt dat Tarin Kowt treft. De nachten hier zijn weergaloos. “Ah, daar gaat er weer een”, zegt de majoor, doelend op het lichtspoor van de zoveelste vallende ster. “Maar ik ben even door mijn wensen heen.”

We staan buiten de gepantserde eetzaal en roken een sigaret. Hij kijkt omhoog en ziet de witte sluier van de Melkweg. Hij snuift de frisse avondlucht in en lacht onder zijn snorretje. Hij houdt van het kamp, zijn kamp. Hij wil dat het er schoon is en zo comfortabel mogelijk. Dat gaat hem lukken, weet hij. Infanteristen in vijandig gebied hebben niet veel eisen. “Het is belangrijk dat we een beetje voor elkaar zorgen”, zegt hij.

Deh Rawod heeft ook een lelijke kant. Dit kamp lag deze zomer veel zwaarder onder vuur dan Kamp Holland in Tarin Kowt. Het werd beschoten met 107mm-raketten, vanuit de bergen aan de rand van de vlakte. Die dingen reiken kilometers ver. Ze zijn heel onnauwkeurig, maar verspreiden bij ontploffing ontelbare scherven die dodelijk kunnen zijn. Hier vonden ook de meeste hinderlagen plaats. Eén van de eenheden maakte het zes keer mee. Ze werd beschoten vanuit maïsvelden en vanuit quala’s, grote huizen die met dikke lemen omheiningen zijn omgeven. Dan zagen ze geweerlopen uitsteken boven de muren. De aanvallers waren niet te zien. Die eenheid is nu weer terug in Nederland.

Hoe doe je dat, thuiskomen na zes keer in vier maanden de dood in de ogen te hebben gekeken? Ik vraag het aan een officier die nu op werkbezoek is. Over twee maanden wordt hij op Deh Rawod gelegerd als staflid van het provinciaal reconstructieteam. “Ik weet het niet”, zegt hij. “Maar ik ben er wel achtergekomen waarom mannen bereid zijn hun leven te wagen. Dat doen ze niet voor het vaderland of voor een ideologie, ook al hebben ze daar misschien de mond van vol. Ze doen het voor elkaar, voor hun maten. Het is als drugs. Als je eraan begint, is de weg terug moeilijk te vinden.”

“Dit werk leert je te relativeren”, zegt de basiscommandant. Na je eerste uitzending is het bijna ondragelijk om mensen in Nederland te horen mekkeren over de kleur van hun gordijnen, of over geld. Natuurlijk mis ik thuis, maar hier ben ik onder kameraden, mannen en vrouwen die mij begrijpen. De neuzen dezelfde kant op, dingen doen.”

Dingen doen: het is een van die uitdrukkingen die je hier de hele dag hoort. Vraag een gevechtssoldaat waarheen hij gaat en hij zal zeggen: ‘Ik ga dingen doen’. De commando’s die op de basis in Tarin Kowt gelegerd zijn, met hun lange haren en de rood-zwart-zilveren afbeelding van een slang op hun linkermouw, ‘doen dingen’. Geheime dingen, zoals het uitschakelen van een groep van dertig gewapende strijders die een paar weken geleden opdoken in de Baloechi-vallei, waarvan je de ingang vanuit Kamp Holland kunt zien.

Zelfs kolonel Theo Vleugels, de commandant van de Taskforce Uruzgan (TFU), de hoogste baas hier, gebruikt de uitdrukking. Ik vroeg hem hoe Nederlandse militairen reageren als ze worden aangevallen. Hij antwoordde letterlijk: “Wij reageren effectief en terughoudend. Als wij met bommen, granaten en vliegtuigen dingen gaan doen, dan komt het met de steun van de bevolking niet goed.” ‘Dingen doen’. Net als ‘kinetisch gaan’ is het een understatement voor actie, knokken, de beuk erin. Uitdrukkingen die vooralsnog veel gebruikt, maar weinig in daden omgezet worden.

Op Camp Hadrian werk ik het liefst in de eetzaal. Gepantserd, dus veilig, en voorzien van aardig wat stopcontacten. Er is een draadloos netwerk voor aansluiting op het internet. Ik ben niet de enige die daar graag zit met zijn laptop. Veel manschappen hebben een schootcomputer meegenomen van huis. Rechts van me zit een van de verkenners die ik heb leren kennen in Kaboel. Links zit een jongen wiens naam ik niet vraag, en die ik niet opschrijven zou als ik hem wist. Hij heeft me veel verteld, en hij wilde dat ik het opschreef, zolang de informatie maar niet op hem teruggevoerd zou kunnen worden. Voor de kritische lezer: ik ken zijn rang, zijn eenheid en zijn woonplaats. Hij is een echte vechtsoldaat. Rustig, vastberaden en niet vies van ‘dingen doen’. Ik vroeg hem hoe ik me dat moest voorstellen, een hinderlaag doorstaan. En hoe je daarna in godsnaam thuis kon komen. “Écht thuiskomen is meer dan je plunjebaal neerpleuren en je vriendin omhelzen. Echt thuiskomen doe ik met mijn maten. Echt thuiskomen betekent de eerste tijd weinig thuis zijn, omdat ik bij mijn makkers uit mijn eenheid wil zijn. Praten, lachen, herinneringen ophalen. Na een tijdje zakt de ervaring weg tussen al het andere wat je in je leven hebt gedaan. Dan ben je thuis. Maar dat kan best een maandje duren.”

Hij werd uitgezonden naar Irak en bereidde zich voor op het ergste. Maar het was minder gevaarlijk dan hij dacht. Na een paar weken verloor hij zijn scherpte. Toen hij op een dag met een landrover vol goederen terugreed naar de kleine bases in Ar Rumaytah, vergelijkbaar met die hier in Deh Rawod, zij hij tegen de chauffeur: “Wat is het hier eigenlijk belachelijk rustig. Had jij dat verwacht toen je hoorde dat we naar Irak gingen?” Ze reden de basis op en begonnen de auto uit te laden, maar kwamen niet ver. Er werd alarm geslagen.

Twee voertuigen waren in een hinderlaag gelopen niet ver van de basis. Toen ze na een langdurig en loodzwaar gevecht de eerste wagen terugvonden, bleek hoe goed de hinderlaag was voorbereid. Een Nederlandse militair was door een scherpschutter geraakt. “Er zat een gat in de vooruit. De kogel was door zijn hoofd gegaan en door het achterruit weer naar buiten. Degenen die dit schot afvuurde was heel goed opgeleid.” Hij rukte uit als een van de laatsten, in zijn groep vielen gewonden door scherven van rpg’s, de beruchte raketaangedreven granaten waar ook de Taliban zich veelvuldig van bedient.

Het verhaal van de hinderlaag bij Ar Rumaytah is bekend. Maar hij vertelt me details die me kippenvel bezorgen. Hij zat in de laatste groep die in de strijd werd geworpen. “We werden van beide kanten van de straat aangevallen over een lengte van honderden meters. We vochten keihard, het was zwaar. Het scheelde weinig of ook onze groep kon niet meer voor of achteruit.” Maar uiteindelijk sloegen de strijders op de vlucht. De vermiste gevechtsgroep uit een van de wagens vonden ze terug op de binnenplaats van een huis, waar ze zich hadden verschanst. “Als tijdens ons gevecht de basis was aangevallen door een grote groep strijders, zou het mis zijn gegaan”, vertelt hij. “Vrijwel alle voertuigen en vechters die we op de basis hadden waren vastgelopen in het vuur.”

Hij is een echte defensieman, zegt hij, de krijgsmacht is zijn tweede thuis. Hij is al meer dan acht jaar in dienst, maar of defensie goed voor zijn mensen zorgt? “We vroegen al weken om versterkingen op de basis in Ar Rumaytah. Dat kon allemaal niet, kostte teveel geld, was teveel geregel. Toen er eenmaal een dode was gevallen, waren de versterkingen er in no time.” Maar ze kwamen niet verder dan het hoofdkamp in As Samawa waar ze ook wel wat extra mensen konden gebruiken. “Zo gaat dat dus. Wij waren kwetsbaar en we kregen geen hulp.”

Nu zit hij wéér op een klein kamp. Steeds weer krijgen de manschappen te horen dat ze zuinig moeten zijn op hun spullen. Want, zo zegt ook de basiscommandant met spijt in zijn stem, Camp Hadrian “is laatste in de logistieke lijn”. Of het nu om motoren voor pantservoertuigen gaat of om satelliettelefoons om mee naar huis te bellen, alles duurt lang. Als een inktpatroon voor de printers leeg is, kost het vier maanden (de periode van een uitzending) voordat er een nieuwe komt. Een voorraadje aanleggen lukte niet. Die kunnen niet nu al op zijn, dus dat gaat mooi niet door, reageerde ‘de logistieke lijn’.

Hij hoopt dat de logistieke achterstelling van Deh Rawod geen gevolgen heeft voor de veiligheid en de uitrusting van de gevechtseenheden. Maar hij heeft zich wel eens afgevraagd hoe dat moet als zijn mannen ver van het kamp in een grote hinderlaag lopen. Wat als de quick reaction force die hen moet helpen ook in de problemen komt, net als toen in Irak? Hij vertrouwt op de pantserhouwitsers in het kamp, en op zijn eigen fighting skills. En hij gaat ervan uit dat er genoeg munitie is op Camp Hadrian om het uit te zingen.

Maar hij wil wél dat ik het opschrijf, zodat hij zeker weet dat het niet onopgemerkt is gebleven. De troepen in Deh Rawod spelen minstens zo’n belangrijke rol in de opbouw en beveiliging van Uruzgan als de hoofdmacht in Tarin Kowt. Ze verdienen een betere bevoorrading. Met maar één set nieuwe engeltjes komen ze er niet.

Advertenties

1 reactie so far
Plaats een reactie

Goeie weblog, ga aub hier mee door, heb m’n vrouw hier ook al van verteld. Hoop dat je een goeie vlucht terug hebt gehad. en even ter info, om 1700 lokale tijd is het op kabul gaan sneeuwen, you lucky bastard!!! 😉

Reactie door Paul




Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s



%d bloggers liken dit: